Hervé Martijn

 

 

Texts


 

H ART, nr 82 , juni 2011 Christine VUEGEN

nav. "Mutatis mutandis" Galerie Desers Leuven

 

In Galerie Dessers in Leuven blijkt dat Hervé Martijn (°1961) alsnog een veelbelovende kunstenaar wordt. De West-Vlaamse schilder sukkelde in een doodlopend straatje toen hij de universele, archetypische mens in beeld wou brengen, opdoemend onder de druipende verflagen alsof het archeologische vondsten van muurschilderingen zijn. Met die schilderijen maakte hij geen kans inde eigentijdse kunstwereld. Laat je niet misleiden door de twee starre portretten in de galerievitrine, want dat zijn overgangswerken. In 2009 gooide hij het roer om door eerst foto's van zijn kinderjaren na te schilderen en dan gevonden foto's. Uiteraard denk je onmiddellijk aan Gerhard Richter, de Duitse grootmeester die ettelijk generaties de weg wees toen hij in de jaren 1960 krantenknipsels en familiekiekjes naschilderde met een vervreemdende versluiering. In de recentste doeken laat Hervé Martijn het strategische wegwissen met witte, horizontale verfstrepen helemaal achterwege. De atmosfeer van Magritte en het mensbeeld van Michaël Borremans sluipen binnen. Het meest recent is "Het schilderij", een rugfiguur in een gilet voor een wit doek. Het is een zelfportret, al oogt het als een beeld uit het verleden, de vervreemding komt nooit opzichtig binnenwandelen. Ze kan gewoon in de verdubbeling zitten die wordt uitgespeeld met tweelingachtige jongens. Ze komen geregeld terug, ook in situaties met een dokter of wetenschapper. Andere schilderijen zoomen in op het passen van een gilet of een jas bij de kleermaker. De nostalgie wordt omzeild met een persoonlijk, gedempt palet dat behoorlijk kil is en toch sensueel blijft door de verfaanbreng. Deze evolutie past bij de ouderwetse figuratie en de verbeelding die sinds pakweg tien jaar opduiken in de schilderkunst, een soort nieuwe stroming met kunstenaars zoals Neo Rauch, Michaël Borremans, Gideon Kiefer en Helmut stallaerts. Het ziet ernaar uit dat Hervé Martijn, als hij het volhoudt om zijn eigenheid verder te ontwikkelen, nu wel een toegangsticket kan bemachtigen voor de actuele kunstscène. Christine VUEGEN

Sisters 70-100 cm

Uitnodigingscatalogus Galerij Dessers Leuven.

H.M. april 2011

 

Jarenlang probeerde ik het "mens zijn" te schilderen: man en/of vrouw als archetype. DaOnder de vlag "Mutatis mutandis” gaat een lading schilderijen schuil over het ontbrekende en het ongrijpbare.

Ze vertellen een verhaal over subjectieve vergelijkingen. Het uitgangspunt is dat we niet altijd onmiddellijk een betekenis kunnen geven aan de werkelijkheid zoals we ze ervaren.

De tentoonstelling is het relaas van een tweejarige zoektocht, “Mutatis mutandis” (hetzelfde maar anders), waarmee de schilder evolueerde tot een nieuwe vormentaal.

arbij maakte ik de bewuste keuze om de figuraties als universele wezens voor te stellen, weg van alle anekdotiek of gebondenheid aan tijd en ruimte. In verschillende teksten verwees ik daarbij naar de Joodse filosoof Emmanuel Levinas die omschrijft dat mens-zijn fundamenteel over relaties gaat.

Enkel maanden geleden maakte Filip Verneert (psycholoog-filosoof) mij echter de volgende bedenking: Het is inderdaad zeer verleidelijk om het werk te omschrijven in de context van Levinas , en te verwijzen naar het thema van "de ontmoeting met de andere", maar ik merk op dat in de werken van Martijn de figuren zelden of nooit mekaar ‘ontmoeten’... Veeleer vinden we hier een individuele, naakte existentie terug. De mens die op zichzelf geworpen is. Er is niet het gevoel van communicatie tussen de figuren, er is geen oogcontact, geen fysiek contact. Meer dan het gevoel van dualiteit (man-vrouw, ouder-kind,...) is er sprake van een individualiteit, een louter op zichzelf zijn van de mens, zelfs al wordt die dan weergegeven door twee (of meer) figuren.

Deze andere invalshoek duwde me in de richting van “zelfreflectie” en bijna automatisch kwam ik in mijn eigen verleden terecht. Nu was er dus wel degelijk een ontmoeting, een ontmoeting met mezelf. Ik ging op zoek naar fotomateriaal uit mijn kinderjaren. Tussen de honderden ’beelden kwam ik telkens opnieuw uit bij een beperkt aantal foto's die voor mij, door de jaren heen, een bijna iconografische waarde hadden gekregen. Alsof bepaalde foto's ganse periodes uit mijn leven konden samenvatten. Ik ben die bewuste foto's gaan naschilderen en net door dit “materialiseren” kregen ze een nog diepere betekenis. Het was de start van een nieuwe benadering van de schilderkunst.

Die nieuwe benadering vertrekt uit mijn persoonlijke herinnering, maar wil finaal de toeschouwer betrekken. Ik wil de ontmoeting wel degelijk bewerkstelligen! De foto’s uit mijn eigen verleden raken me door hun verhalend karakter, maar dat verhaal is mijn verhaal. Zo bracht de oud-Europese schilderkunst het verhaal van de Bijbel en zo borstelden impressionisten en expressionisten een allerindividueelst verhaal, dat aan de kijker verteld werd. Misschien is mijn benadering daarom eerder post-modern te noemen. Ik schilder mijn verleden, maar zonder te toeschouwer daarom ook mijn verhaal op te dringen. Geleidelijk raakte ik immers gefascineerd door datgene wat het beeld ons net niet vertelt. Wie mijn doeken bekijkt, hoeft mijn historie niet te kennen om zelf een script te bedenken, een roman, een legende, een sprookje of een thriller…

Schilderend kwam ik tot de ontdekking dat het in de meest inspirerende voorstellingen dikwijls over vergelijkingen gaat. Je ziet twee kinderen en de spontane reacties gaan ongetwijfeld in de richting van groot/klein, braaf/stout, broer/zus… maar de betekenissen kunnen veel dieper graven. Staan de figuren ‘samen’ of ‘naast elkaar’? Gaat het om vriendschap of discipline? Bloedband of adoptie? …De vergelijking nodigt de toeschouwer meer dan enig ander beeld uit tot ontmoeten, tot interactie tussen de door de schilder aangeboden “voorstelling” en wat de kijker zich daarbij kan “voor-stellen”. Daarbij moet de interpretator absoluut mijn visie niet kennen, en al zeker niet begrijpen of appreciëren. Geen enkele interpretatie wordt opgelegd. Het is een werkelijk “ont-moeten”.

Zelfs als men mij naar het concrete verhaal vraagt, dan verkies ik het antwoord schuldig te blijven. De schilderijen kregen immers ook voor mij intussen iets onvatbaar. Het gaat over een gevoel, niet over een concreet gebeuren. In heel wat werken wordt er bewust iets weggelaten of worden beeldfragmenten gedurende het ontstaansproces opnieuw weggeveegd. Ik speel met de dualiteit van het kijken. Enerzijds wordt ons oog getrokken naar de figuratief-realistische schilderkunst en anderzijds wordt onze geest (aandacht) geprikkeld door “dat ontbrekende” element.

Is dit nu een verklaring, een verduidelijking? Wellicht is dit gewoon een omschrijving van een werkproces, een bedenking bij het eigen handelen, een zoeken naar het waarom, maar een antwoord zal er niet zijn: schilderkunst heeft soms weinig met verf te maken...

Hervé Martijn april 2011

 

Magazine d'art FRANCE MIROIR DE L'ART novembre 2010, par Ludovic Duhamel  

Une peinture qui ne se livre pas sens quelque effort, qui se lit en plusieurs étapes, qui se dérobe, se refuse à qui voudrait y voir une simple image. C'est une peinture de rêve éveillé, qui inscrit dans la mémoire mieux que ne le ferait une photographie le souvenir de choses que l'on n'a pas vécues, mais qui auraient pu être, qui ont même sûrement existées. (Fragment : coup de coeur par Ludovic Duhamel)

 

 

 

Tussen tijd en ruimte december 2010, Lezing door Ludwig Allaert

 

Het gaat bij Hervé Martijn niet over schuren, krassen, inkerven in de verfmassa, noch over kleurvlakken aangebracht met spatels of pasteus ingewerkt met droge pigmenten, ook niet over ‘drippings’ die zich een weg banen over het doek heen. Het gaat bij Martijn niet om een illustratief verhalen van de werkelijkheid, noch over een manier om een afbeelding te concretiseren en helemaal niet over de geportretteerden zelf!

Het gaat bij Martijn niet over schoonheid.

Het ganse oeuvre onderstreept duidelijk de zingeving van het menselijke zoeken naar zichzelf, net zoals Martin Heidegger dit deed in de filosofie!

(Fragment uit de lezing door Ludwig Allaert)

 

Brochure MARTIJN 2010

 

Door de duizenden waarnemingen heeft een kunstenaar van vijftig zijn ‘innerlijk mensbeeld’ kunnen aanscherpen en aanmaken en zo wordt misschien het archetypische beeld van generatie naar generatie verfijnder en duidelijker en ‘toch niet minder archetypisch.’ Het is deze wonderbaarlijke indruk die ik had bij het zien van een van de laatste werken van Herve Martijn, zo dicht tastbaar, echt en warm menselijk aanwezig en terzelfdertijd zo universeel. Ik voelde niet een of andere scherpe cynische of harde kant van de mens, maar de gehele mens, in een dichting en zegging die helemaal van de hand is van Herve Martijn : aarzelend maar respectvol, poetisch maar gearticuleerd.

Atelierbezoek Piet Bels juli 2010

We zien in het werk van Hervé Martijn geen poging om de zin van de mens te begrijpen en te onthullen maar juist een wijze van 'niet-begrijpen'. Dit 'niet-begrijpen' heeft een weerloos karakter, het keert zich weg van de macht van de objectiviteit.

We gewagen van een 'epifanie' van de mens. Meer nog dan het archetype van de mens, meer dan een fenomenologie van de mens zien we hier het 'in verschijning treden' van de mens. De kijker kan binnen treden in deze verschijning, zonder dat dit van een dwingende aard is, het is geen openbaring.
Deze epifanie van de mens is 'buiten-gewoon', tijdloos, contextloos, het laat ons toe te transcenderen boven de meer 'evidente' ervaringen van fragiliteit, dualiteit, archetype, ontmoeting.

Hervé Martijn beschikt over een intuïtief inzicht waardoor hij de 'in verschijning tredende' mens op een intense manier zichtbaar kan laten worden.

Atelierbezoek Filip Verneert mei 2010

 

Brochure: Hervé Martijn 2009

 

Schilderijen over "mensen": Mensen in hun diepste zijn, in een ingetogen houding, meditatief... Zelden verwijzen ze naar een werelds gegeven, ze zijn louter opgeslorpt in gedachten naakt en kwetsbaar. HM

Brochure : Schilderkunst heeft soms weinig met verf te maken. nov 2008

 

 

 

Schilderkunst heeft soms weinig met verf te maken. t'is kijken en voelen, en dan bekeken worden en opnieuw gevoeld… Schilderen is vooral “denken” en twijfelen; een eeuwige zoektocht wellicht zonder eindstation maar met prachtige tussenstops. h.m.

Ik maak geen echte voorstudies. Ik werk in reeksen en het ene schilderij is een voorstudie voor het andere. Ik experimenteer binnen één bepaalde thematiek en speel hierbij met formaten, materies, cadrages… Dat zoeken, hernemen en corrigeren is juist datgene wat “schilderkunst” zo boeiend maakt. Vanuit picturaal oogpunt ben ik vooral gefascineerd door de huid van het schilderij. Dag na dag overwerk ik mijn doeken en stapel laag na laag boven elkaar op. Toch blijven de onderliggende materies verder het finaal beeld mee bepalen. Ik werk steeds aan 4 tot 5 schilderijen tegelijkertijd. Dit is technisch noodzakelijk omdat ik vaak dikke verfpasta's gebruik die tijd nodig hebben om te drogen. Anderzijds werk ik ook met drippings: heel aangelengde verf wordt op het doek aangebracht en kan vrij zijn weg zoeken naar beneden. Het doek wordt daarbij ook van richting veranderd: op die manier weet ik de drippings naar mijn hand te zetten. Ik zou mijn techniek durven omschrijven als een organische schilderkunst. Het is vaak een inspelen op toevalligheden of noem het manipuleren van die toevalligheden.

Al mijn schilderijen lijken op elkaar… qua thema, materie, techniek, schriftuur… wellicht omdat ik gewoon altijd hetzelfde probeer te “verhalen”: DE MENS.

2x50-50 Humanity

 

Catalogue: Entre la autonomía y la dependencia. Art-Madrid febr. 2007

 

La nueva obra de Hervé Martijn representa la búsqueda incesante hacia lo esencial. Una obra personal que, al mismo tiempo, trasciende lo individual. Sus imágenes evocan la nostalgia de lugares inalcanzables, llenos de felicidad y armonía. Martijn captura la emoción que yace en el preciso instante entre permanecer y marchar, entre la presencia y la ausencia, entre la autonomía y la dependencia. La pintura experimental le llevó hacia la utilización de la pintura más libre, más decidida y más arriesgada. Desarrolló una técnica pictórica con enorme sensibilidad hacia la morfología del cuadro. Los drippings realizados con pintura diluida buscan su camino a la largo del lienzo; como una suave llovizna, contribuyendo a una atmósfera etérea llena de silencio.


Catalogue: Beyond the aesthetic object. I.Dewit . dec.2006

 

The work of Hervé Martijn is a never ending journey to the inner self. He paints the person inside the naked body, he paints the feelings beneath the bones, he paints the spiritual self. He invites the spectator to look beyond the aesthetic object straight into his own soul. To this artist there is no art without contemplation. Duality runs through his oeuvre like a continuous thread and links him with the Chinese concept of Yin and Yang. Negative and positive space, naturalism and abstraction have equal validity, because philosophically, being and non-being, life and death, have equal weight. Abstraction of the background also helps to create order in the inner landscape. In recent works, he consolidates the purely visual with written thoughts and reflections. The paintings of Hervé Martijn are filled with whispering voices and stories never told. And this is exactly as it should be. Only by willing to search for poetry, there will be poetry.


Marc Lenot “Peindre est si Difficile” Le monde. 20 juin 2006

 

Des diptyques gris cendre, parfois rehaussés de rouge, des personnages flous, furtifs, comme dans un brouillard, comme sur une fresque à demi effacée  par le temps. Ce sont des ombres fragiles, des créatures intemporelles engagées dans on ne sait quel rituel de confrontation à l'autre, à soi. La toile est recouverte de nombreuses couches de peinture, les plus profondes apparaissent encore sous les plus récentes; une grille de traits horizontaux et verticaux offre parfois un semblant d'ordre, d'ancrage, un liant. C'est un travail sur la solitude peut-être, sur le rapport au monde, sans anecdote, d'une grande pureté.


Magazine AZART Paris , Gérard Gamand mai 2006

 

"Le monde dans lequel je vis n'est probablement pas le monde objectif car à chaque instant, je tisse des rêves autour des objets" nous dit l'artiste. De fait, son univers présente une image constante de la fragilité des destins humains. "L'artiste réalise des images chuchotantes, feutrées où la silhouette humaine est ramenée à une apparition furtive."
Tout en délicatesse, ses toiles sont ramenées à de vastes espaces de méditation qui creusent au plus profond "L'âme de la matière".



NEBULAE-catalogue, Lieven Defour mai 2005

 

In zijn werk brengt Hervé Martijn een beklijvend beeld van de fragiele, kwetsbare mens, die, ontdaan van alle culturele referenties, terugvalt op zijn naakte bestaan. Hij maakt fluisterende, geruisloze beelden, waarin de menselijke gedaante herleid wordt tot een schimmige verschijning. Voor Hervé Martijn biedt dit “mijmerend schilderen” precieuze momenten van verdieping en reflectie. Tegelijk schept deze kunstenaar een onthecht mensbeeld, dat doordrongen is van een zeker gevoel van vervreemding of aliënatie.

Op geen enkel ogenblik dringen zijn askleurige schilderijen zich aan de kijker op, maar steeds blijft het ascetisch en terughoudend klimaat primeren. Zijn introverte gestaltes laveren ,als een twijfelend en onzeker wezen, in een niemandsland tussen mythe en verbeelding, tussen droom en werkelijkheid. Soms deemsteren de figuren weg, soms liggen ze gedeeltelijk verzonken in een fond van gedempte, grijswitte tinten. Die grauwe, neutrale achtergrond verhoogt het etherisch en vergeestelijkt gehalte van zijn werk, maar wekt tegelijk gevoelens van onbepaaldheid en onverschilligheid. Op die manier zetten de schilderijen van Hervé Martijn nog meer aan tot contemplatie over de menselijke bestemming.

De zorg van Hervé Martijn gaat evenzeer naar het schilderkunstig proces, de textuurbehandeling en de zintuiglijke kwaliteit van zijn doeken. Bij Hervé Martijn krijgt de tactiele verfopbreng altijd de bovenhand op de zuivere representatie. Door een merkwaardige superpositie van verflagen wordt de zichtbare werkelijkheid geleidelijk verdrongen door een picturale realiteit, die een onovertrefbare suggestiviteit en sensibiliteit uitstraalt. Zijn werk groeit in een boeiende picturale genese van overschilderingen en drippings. Tegelijk springt het in het oog dat zijn figuratie tot leven komt en tevens genesteld ligt in de materie. Ooit beschreef Teilhard de Chardin dit proces als “ donner l'âme à la matière”. In het werk van Hervé Martijn is de aardgebondenheid en de geboorte van zijn thema's verweven en mede bepaald door de verfgrond. Soms lijken de figuren als gefossiliseerde afdrukken, vereeuwigd in de floue, nostalgische drager.

Hervé Martijn is een onvervalste schilder, die vastberaden de weg van de zuivere schilderkunst bewandelt en continu werkt aan de herbronning van dit medium. Voor hem is het doorgronden van de menselijke natuur een bijzondere ervaring, die hij telkens opnieuw origineel en plastisch weet te vertalen. De artistieke interpretatie van het archetypisch mensbeeld blijft voor Hervé Martijn een onuitputtelijke uitdaging.